Blindstaren

Richard - John Pex, KNSB 2012-2013, 1e ronde

Met veel aandacht, geduld, en, zucht, tijd, heeft wit zijn stukken allemaal ontwikkeld. Doordat zwart rekening moest houden met de opstoot d4-d5 staat hij een tikje gedrongen, maar wel stevig. Ik zag hier dat 1. d5!? een interessante mogelijkheid was, en besloot daar de rest van mijn tijd aan te besteden. Eindconclusie: geforceerde remise. Toen met vijf minuten op de klok maar 1. Lf3?! gedaan. Welke andere aardige kandidaatzet miste ik?

2 reacties
  1. 1. h4 of 1. Kb1 mijn voorkeur 1. h4

    Maar zijn allebei meer consoliderende zetten dan aanvallende zetten. Maar zwart staat toch redelijk klem.

  2. Dit is zo’n stelling met niet echt 1 goed antwoord. Er zijn meerdere mogelijkheden. Mijn redenatie ging zo: het slechtste stuk van wit (als hij geen d4-d5 doet) is het paard op c3. Al de velden waar het naar toe kan zijn van zwart: e4, d5, b5, a4. Het slechtste stuk van zwart is de loper op d7, die kijkt alleen tegen de eigen pionnen aan. Een typische bevrijdingszet om dit op te lossen is c6-c5. Een manoeuvre van wit waarmee hij zijn slechtste stuk verbetert en zwart verder inklemt is 1. Pb1, 2. Pd2, 3. Pb3! Daarna kan het paard naar c5 springen indien gewenst. Een voorbeeld variant: 1. Pb1, 0-0-0 2. Pd2, c5?! 3. Pb3 en wit heeft aanvalskansen tegen de zwarte koning. Solider is 2…, Le8 3. Pb3, Pd7. Zwart kan ook werken met h5-h4 en zelfs f5-f4 om het witte pionnenblokje op de koningsvleugel af te breken: beide partijen hebben hun kansen.

.