MSV 1 wedstrijdverslag van Soest!

Dit prachtige verslag hoe het door de Soestenaren is beleefd mag ik jullie niet onthouden.

De wedstrijd werd door de Soester spelers goed ingestoken: sommigen bereiden zich voor door uitgebreid de openingstheorie door te nemen, anderen door helemaal niets te doen op schaakgebied, weer anderen door sportieve hobby’s te verslonzen en nog weer anderen door zonder mopperen de ietwat aangepaste opstelling van de teamleider te accepteren. Wie en waarom zal blijken uit de onderstaande verslaggeving.

In de aanloop van de wedstrijd informeerde Bram mij dat “de Leidse Boys” wellicht gescheiden hun route naar Drenthe moesten vinden. Bram zou op zaterdagochtend eerst acte de presence geven in de halve finale van het plaatselijke tennistoernooi en vervolgens plankgas naar het Noorden karren. Net toen ik de NS-site helemaal ondersteboven had gehaald en al aan het informeren was of ik wellicht met een NS-jaartrajectkaart 2e klasse ook met korting een enkele reis 1e klasse kon nemen in het weekend (misschien wil Wim mij hierover van informatie voorzien?) kreeg ik een berichtje van Bram: hij had niet erg zijn best gedaan en zijn tegenstander in een eerdere ronde van het tennistoernooi een plezierige dag bezorgt. Als dat geen teamgeest is! Daardoor konden wij alsnog gezamenlijk afreizen. De routeplanner stuurde ons via Emmeloord door allerlei kleine gehuchtjes waar je normaal gesproken niet vaak komt: het was zeer educatief, maar ik heb er niets van onthouden, omdat de wereldeconomie, de strategieën binnen de olie-industrie en de toekomst van het Nederlandse pensioenstelsel besproken werden.

Ondertussen had Eric op het kortere traject van Soest naar Meppel een kwartier reistijd op Reynir goedgemaakt, ondanks dat Reynir niet langzaam reed. Voor Henk was dat een overweging geweest om een plek in de bolide van Reynir te zoeken. René Buisman, nog geen kenner van de Soester rijstijlen, waagde zich wel in Eric’s auto, die zoals altijd ook weer zonder kleerscheuren op de locatie aankwam.

Dat op de locatie aankomen was al wel een prestatie op zich, want de Meppelers probeerden ons al in hun routebeschrijving op het verkeerde been te zetten met de passage: “sla op de Kromme Elleboog linksaf naar de Kromme Elleboog” (ongelogen waar!). En bovendien hadden zij alle parkeerautomaten in de wijde omtrek van de speelzaal vervangen met machines waarop geen dagkaart te verkrijgen is. Alle? Nee, niet alle, want een kleine nederzetting iets ten zuiden (?) van de speelzaal had zich verzet en daar vonden Reynir en Eric voldoende plaats. Bram en ik hebben diverse parkeerautomaten gezien, voordat wij in een afgelegen straatje konden parkeren, waarvan wij bijna zeker waren dat er niet betaald hoefde te worden. Ik zal u niet in spanning laten zitten: aan het einde van de dag vonden wij geen prent onder de ruitenwisser (anders dan destijds in Delft).

Met de routebeschrijving en de parkeerautomaten waren de Meppelse trucs nog niet op, want Henk kreeg een stoel toebedeeld waarop alleen een fakir die van spijkerbedden houdt een gehele schaakpartij zou kunnen uitspelen en Gerrit zat aan de verkeerde kant van de kamikazeklok.

Maar het deerde ons allemaal niet, al liep Henk dan geen letterlijke, maar figuurlijke kleerscheuren op, maar daarover straks meer.

Meppel had de grote concurrent VAS verrast in ronde 3 (4,5-3,5) met een tactische opstelling, waarin bord 4 speler Bart Davids werd doorgeschoven naar bord 1 (en daar won!). Omdat Gerrit de laatste twee ronden met zwart tegen vervelende nullen was aangelopen besloot ik zelf door te schuiven naar 4 om daar tegen een wellicht sterke opponent een muurtje te gaan bouwen. Maar zover kwam het niet, want Meppel had geen grote verrassingen in de opstelling. Reynir trof daardoor GM Dennis de Vreugt en had zich zeer goed voorbereid. Ook Eric aan bord 3 kende geen enkel openingsprobleem tegen Roel Donker en omdat ook Adriaan al vlot beter stond tegen Richard Berendsen, maakte ik mij geen zorgen over het scenario van vorig seizoen, toen MSV 3-0 maakte op de eerste drie borden.

Ik zal de gebeurtenissen beschrijven aan de hand van de volgorde van de uitslagen, al doe ik daarmee misschien geen recht aan het feit dat alle Soesters na een uur of twee spelen een voordelige stelling hadden opgebouwd en wij daarmee wellicht onze beste wedstrijd in jaren speelden.

Deze keer had Eric de eer van het binnenhalen van het eerste Soester punt. Hij speelde dus tegen Roel Donker en kreeg zijn voorbereide variant op het bord. Vanuit mijn ooghoek (bord 4 was op een meter afstand, maar wel iets naar achter geschoven, van bord 3 geplaatst) zag ik Roel in de opening met flegmatieke handbewegingen zijn stukken verplaatsen. Die bewegingen deden mij denken aan het Haagse hupje van Bart Veldkamp. Zodra Bart zijn rondjes reed met het hupje dan zag je de afwachtende tegenstanders op het middenterein hun spullen vaak alweer inpakken, omdat ze wisten dat het schaatsen van 12 en een half rondje geen zin meer had. Maar als Bart zijn hupje had thuisgelaten, dan was hij net zo kansloos als een schaker achter een dambord. Nadat Roel met het ‘hupje’ zijn loper een pion op a3 had laten verorberen, kwam Eric met grof geschut binnen zetten. Het ‘hupje’ heb ik daarna niet meer gezien. Een oplettende lezer weet nu wat het lot van Roel was…Voor de onoplettende lezers: Eric won groot materiaal.

Daarna werd het onverwachts snel weer gelijk. Henk kwam erg goed uit de opening en menig Soester had zijn punt al geteld. Tegenstander Alwin Pauptit (tegen wie ik ooit een partij speelde in het schoolschaakkampioenschap – vanwege het mooie weer werd die partij buiten gespeeld, maar dat hielp mij niet overigens) stond met zijn rug tegen de muur en besloot daarom maar wat pionnen naar Henk’s koning af te vuren. De meesten misten doel, maar plots was er ruimte voor zwaarder geschut en vanuit het niets kwamen toren en dame over de a-lijn op bezoek. Het einde heb ik niet meer gezien, maar naar verluid was het bloederig.

René voegde een halfje toe tegen Alwin’s grote broer Gerhard (die in dezelfde teamwedstrijd destijds te sterk bleek voor Bram en vorig jaar Adriaan van het bord had gekegeld). Ook hier was sprake van een lichte teleurstelling, omdat René lange tijd een plezierige stelling had. Er werd echter geruild, waarna het stellingsoordeel ‘gelijk’ over bleef.

Vervolgens was het mijn beurt om ons weer op voorsprong te zetten. Op bord 4 ontmoette ik wederom Bart Davids, de Meppelse held uit hun wedstrijd tegen VAS. Bart is een enorme man, iets wat mij vorig jaar, toen ik hem na bijna 6 uur spelen op de knieën had gekregen, eigenlijk niet was opgevallen. In het verslag van MSV – VAS werd hij omschreven als het Beest. Maar kennelijk hebben ook beesten last van psychologie, want toen hij door had dat ik zijn tegenstander zou zijn (net als vorig jaar had hij wit), zag ik bij hem de moed in de schoenen zakken. En nadat hij op zet 10 ruim 40 minuten in de denktank was gegaan, verraste hij mij en de zojuist gearriveerde Bram Ruiter, met Pe5!. Na Pxe5, dxe5 en Lxe5 kwam er echter geen krachtig wit vervolg. Het Beest was zojuist in mijn hoofd een GVR (Grote Vriendelijke Reus – naar Roald Dahl) geworden. Het vervolg was een koud kunstje.

Toch kwam Meppel nog een keer langszij: aan bord 2 werd Adriaan in tijdnood een poets gebakken door Richard Berendsen (die ook al meespeelde in de buitenwedstrijd destijds!). Met zeer sterk positioneel spel had Adriaan een gewonnen stelling op het bord gekregen, maar helaas kostte hem dit wel veel bedenktijd. De vergevorderde witte pion zou normaliter geen problemen moeten opleveren, maar in tijdnood is zo’n kleinood toch een ‘pain in the ass’. Richard gooide, in navolging van Alwin bij Henk, wat stukken naar Adriaan’s koning. Adriaan reageerde eerst nog nauwkeurig, maar vond net niet de sluitende verdediging. De combinatie van dreigende matnetten en de op handen zijnde promotie van de witte pion zorgden voor een kleine kortsluiting. Uiteindelijk viel Adriaan’s vlag, maar toen was de stelling ook al verloren.

En toen kwam de kroon op de wedstrijd! Wij danken hiervoor in eerste instantie de Kerstdagen en Reynir’s gezin die hem klaarblijkelijk voldoende tijd gaven om zich zeer gedegen voor te bereiden op grootmeester Dennis de Vreugt. Maar voorbereiding is één, het vervolgens uitvoeren is twee. Daarbij hielp het wel dat de voorbereiding op het bord kwam. Hierdoor ging Dennis al vlotjes in de denktank, terwijl Reynir een kleine 20 zetjes zonder al te veel geestelijke inspanning kon uitvoeren. Op het moment dat afgeweken werd van het bekende pad had Reynir een prima stelling, maar moest hij nog wel erg veel werk verzetten om het punt binnen te halen. Dat lukte uiteindelijk in een eveneens bloedstollende tijdnoodfase. Dennis was met zijn koning de witte stelling binnengewandeld en heel even leek het erop dat Reynir de controle kwijt was. Met een briljant tussenschaakje stuurde hij de zwarte koning echter naar een verliezend veld, want het volgende schaakje betekende dameruil, met daarna een doorgebroken witte pion!

Bram had vervolgens de eer om de Soester overwinning binnen te slepen en dat deed hij met verve. Tegen de vriendelijke Fokke Jonkman kwam hij al snel in het voordeel, door een handigheidje dat wij al eens eerder van Bram hadden gezien. De volgende mataanval ingeleid met een leuk paardoffer werd door Fokke nog gepareerd, maar ondanks dat Bram een betere voortzetting (geopperd door Adriaan in de analyse tijdens het eten) had gemist, oogstte hij toch meer dan voldoende materiaal voor het volle pond. Een partij waar weinig op af te dingen valt.

Tot slot voegde Gerrit nog een halfje toe. Tegen Rienk van den Berg kwam ook Gerrit overtuigend uit de opening (begint eentonig te worden, maar het was echt zo!). Al vlot leek het erop dat Rienk groot materiaal zou moeten inleveren, maar, nog als vorig jaar tegen Bram, wist hij te ontsnappen. Toen Gerrit in het middenspel een pion verloor en met deze achterstand het toreneindspel in ging, werd er voor zijn schaakleven gevreesd. Gerrit rechtte echter de rug, rekende nauwkeurig en hield de rijen gesloten. Uiteindelijk mocht Rienk een dame halen, maar pas toen de pion van Gerrit op f7 overbleef. De lessen van Koen zijn Gerrit goed bijgebleven: Rienk kon die pion alleen slaan door Gerrit en passant pat te zetten. Remise dus.

Met dit resultaat blijven wij 2 matchpunten voor op concurrent VAS, terwijl MSV nu volgt op 3 MP’s. De titel lonkt, maar tegelijkertijd is het besef bij de Soesters groot dat wij tegen VAS dan een ander resultaat moeten halen dan vorig seizoen (2-6). Het gaat een interessante strijd worden in het Gildehuis op 11 februari!